Afasie bij meertaligen

Corina König-Linek

Samenvatting


Meertaligheid is een wereldwijd veel voorkomend fenomeen. Toch beperkt zich het het meeste neuropsychologische onderzoek tot monolinguaal afasieonderzoek. Ook in de klinische praktijk vindt onderzoek en therapie vaak plaats in slechts één van de talen van de patiënt. In de beginselen van afasieonderzoek bij meertaligen wordt veel gewicht gehecht aan de vraag welke taal van een polyglotte afaticus het eerst recupereert, en waarom. Meestal zijn in het geval van polyglotte afasieën alle aanwezige talen aangetast, en herstellen deze zich ook in een vergelijkbare mate en tezelfdertijd. In die gevallen waarin dit niet het geval is, heeft onderzoek een verscheidenheid van factoren aangetoond die dit ongelijke herstel zouden verklaren. Tot nu toe laat geen enkele van deze factoren, noch een combinatie ervan, zich generaliseren. De discussie over mogelijke verschillen in lateralisatie van taalfuncties tussen monolingualen en meertaligen is een belangrijk punt in de recente neuropsychologische literatuur. Noch klinische, noch experimentele resultaten wijzen echter onomstotelijk op het bestaan van een dergelijk verschil. Neurofunctionele theorieën die taalstoornissen met een temporaire of permanente inhibitie verklaren, lijken in overeenstemming te zijn met de tot nu toe beschreven gevallen van polyglotte afasie. Limbische structuren kunnen, afhankelijk van sociolinguistische aspecten, invloed hebben op de representatie van verschillende talen in de hersenen. Systematisch en gestandaardiseerd onderzoek naar alle talen van een polyglotte afaticus is noodzakelijk om de taalverwerkingsprocessen bij meertaligen te kunnen begrijpe

Volledige tekst:

PDF

Terugverwijzingen

  • Er zijn momenteel geen terugverwijzingen.


Creative Commons License
Dit werk wordt gepubliceerd onder een Creative Commons Attribution 4.0 International licentie.